Squash is een racketspel dat door twee personen in een gesloten ruimte wordt gespeeld en een klein beetje vergelijkbaar is met het tennisspel, althans in zoverre dat de spelers hier niet tegenover elkaar staan maar naast elkaar en gebruik kunnen maken van muren. Er is dan ook geen net gespannen en de (zachte) bal wordt steeds tegen de tegenoverliggende wand gespeeld.
Inhoud |
bewerk Beschrijving van het spel
bewerk Speelveld
De ruimte waar squash in gespeeld wordt heeft een vloeroppervlakte van 6,4 bij 9,75 meter en is volledig door muren omgeven, meestal is de achtermuur van glas.
bewerk Squashracket
Het aanbod van squashrackets is groot, ze zijn verkrijgbaar in verschillende uitvoeringen, materialen en prijsklasse.
bewerk Ballen
Er zijn verschillende soorten squashballen waarmee gespeeld kan worden. Het verschil zit in de grootte van de bal maar voornamelijk in hoe goed de bal stuitert. Er zijn meerdere sportmerken die squashballen aanbieden, echter gebruiken deze niet allemaal dezelfde standaard voor het onderscheiden van de verschillende soorten ballen. De meest voorkomende squashbal is van het merk Dunlop. Er wordt onderscheid gemaakt tussen de volgende soorten ballen:
- Pro, zwarte bal met 2 gele stippen. Dit is de officiële bal van de World Squash Federation (WSF), Professional Squash Association (PSA), en de Women’s International Squash Players Association (WISPA). Dit is de bal die in alle internationale squash competities gebruikt wordt.
- Competition, zwarte bal met 1 gele stip. Deze bal heeft dezelfde afmetingen als de officiële wedstrijd bal (Pro), alleen stuitert deze bal 10% meer.
- Progress, zwart bal zonder stip (of zwarte bal met rode stip). Deze bal is 6% groter dan de officiële wedstrijd bal en stuitert 20% meer.
- Max, blauwe bal zonder stip (of zwarte bal met blauwe stip). Deze bal is 12% groter dan de officiële wedstrijd bal en stuitert 40% meer.
Voor beginners wordt het aanbevolen om de Max of Progress bal te gebruiken, dit zijn de snelste ballen die het meest stuiteren. Voor gevorderden is de Competition of de wedstrijdbal (Pro) bedoeld, dit zijn de traagste ballen en stuiteren het minst.
bewerk Puntentelling
In het Engels systeem kan alleen de serveerder scoren. Als deze een rally wint krijgt deze een punt. Als de ontvanger van de service de rally wint mag deze serveren maar krijg hier dus geen punt voor. Degene die het eerst 9 punten heeft wint de game. Wanneer er echter sprake is van een gelijke stand van 8-8 dan mag de ontvanger kiezen om tot 9 of tot 10 punten te spelen. Een spel loopt over meerdere, meestal twee ('best of three') of drie ('best of five'), gewonnen games. Het alternatief is het Amerikaanse systeem, hier krijg een speler een punt voor elke gewonnen rally, ongeacht welke speler serveerde. Deze games gaan tot 11 punten. Sinds dit jaar is een nieuw puntentellingsysteem van toepassing. Er wordt gespeeld tot 11 met de Amerikaanse puntentelling, dat houdt in dat er elke rally een punt wordt behaald, ongeacht of die gemaakt wordt door de serveerder of de door ontvanger. Dit puntentellingsysteem is ingevoerd door het WSF (World Squash Federation) met de bedoeling om de status van Olympische discipline te verkrijgen. Om lange en dus saaie matchen in de toekomst te voorkomen, kozen de leden van het WSF voor de Amerikaanse puntentelling.
bewerk Service en spel
Bij het begin van elke servicebeurt, of bij de start van een nieuwe game, mag de serveerder het serveervak kiezen. De serveerder wordt bij de eerste game door middel van tossen bepaald, voor de daarop volgende games geldt dat de speler die de voorafgaande game heeft gewonnen als eerst mag serveren. Na het winnen van de rally moet de serveerder vanuit het andere servicevak serveren, dit gaat door totdat de serveerder een rally verliest, dan mag de andere speler kiezen waar zijn/haar servicebeurt begint. Bij het serveren moet de serveerder met minstens 1 voet in het serveervak staan, en de bal moet zo gespeeld worden dat deze rechtstreeks de voormuur raakt tussen de servicelijn (middelste rode lijn) en de bovenste uitlijn. Daarna moet de bal, al dan niet via een zijmuur/achtermuur, in de helft van de tegenstander terechtkomen. Er mag zowel bovenhands als onderhands worden geserveerd. Er bestaat niet zoals bij tennis een herkansing voor een foute service, de service gaat direct over naar de andere speler.
Voordat de bal teruggeslagen wordt mag deze eenmaal de grond raken. De bal moet na de slag, al dan niet via de zijmuren/achtermuur, de voorwand raken tussen de onderste- (tin) en bovenste rode lijn, zonder eerst de grond te raken. In tegenstelling tot veel andere sporten mag de bal de lijn niet raken. Het raken van de lijn wordt als fout gerekend.
bewerk Variant
Opmerking: Squash kan ook met 4 spelers (2 x 2 spelers) gespeeld worden. Dit wordt in Nederland steeds populairder[bron?]. Eigenlijk behoort dit op een groter speelveld gespeeld te worden, maar hiervan zijn maar enkele banen gebouwd.
bewerk Squashjargon
- Hand-out: servicewissel
- Boast: bal geslagen via de zijmuur richting de voormuur
- Let: overspelen van een punt (vaak in verband met de veiligheid)
- Stroke: Punt toegekend doordat de tegenstander verhindert (door bijvoorbeeld in de weg te staan) een winnende bal te slaan.
- Point-a-Rally: een scoremethode waarbij iedere rally een punt inhoudt, servicewissels (hand-outs) vinden nog wel plaats, maar ook de ontvangende speler krijgt een punt bij de winst in de rally.
Dit systeem werd vroeger gespeeld tot 15 punten, maar in de PSA wordt nu gespeeld met 11 punten per game.
- Nickball: Een bal die exact in de rand tussen de vloer en de staande muur valt, nadat hij via de voormuur is geslagen. De bal zal hierop onmiddellijk gaan rollen, en is in de regel een onhoudbare bal (het perfecte punt).
- Blocken: Voor de tegenstander gaan staan in zijn slagbeurt, om hem de slag of doorloop te hinderen, maar niet voldoende om een let of stroke toe te staan.
- Fishing: Het uitlokken van overtredingen door de slag groter te maken, overdreven naar achteren te lopen (en daarbij de tegenstander te blocken).
- Dropshot: Bal die kort wordt geslagen, bij voorkeur vertragend zodat de bal voor in de baan 'neervalt' (to drop down)
bewerk Geschiedenis
Dat squash zou ontstaan zijn rond 1830 in de kostschool van Harrow, Engeland, is de meest gehoorde versie, al circuleren er meerdere versies over het ontstaan. Toch speelt deze kostschool een zeer belangrijke rol in de verdere ontwikkeling van squash, en zijn er in 1864 de eerste squashbanen gebouwd. Met de kolonisatie van landen zoals Egypte en India (+ Pakistan) hebben de Britten de sport over de wereld verspreid. Het is dan ook niet verwonderlijk dat deze landen squashlegendes hebben voortgebracht zoals de Khan-clan.
Sterke squashlanden zijn: Engeland, Australië en in toenemende mate Egypte, Frankrijk en Maleisië. Nederland heeft een aantal goede, soms genaturaliseerde spelers, bij de vrouwen voormalig wereldkampioene Vanessa Atkinson en Natalie Grinham en bij de mannen Dylan Bennett en Laurens Jan Anjema, zoon van twaalfvoudig nationaal kampioen Robert Anjema.
